+31 76-5226470 Bel mij terug
+31 76-5226470 Bel mij terug

Bewuste roekeloosheid kinderleidster vanwege achterlaten baby?

De rechtbank Midden-Nederland oordeelde onlangs over een incident dat plaatsvond bij een kinderdagverblijf. Een kinderleidster moest op 28 april 2016 als laatste het kinderdagverblijf sluiten. De kinderleidster sloot het kinderdagverblijf af, waarbij er een baby op de slaapzaal achterbleef. De moeder stond nadien voor een gesloten kinderdagverblijf, terwijl haar baby nog op de slaapzaal lag. De kinderleidster werd op staande voet ontslagen. Het kinderdagverblijf plaatste kort daarna een bericht op haar Facebookpagina, waarin zij over het voorval heeft bericht en waarin daarnaast de voornaam van de kinderleidster werd genoemd. Naar aanleiding daarvan werd de kinderleidster in een sollicitatieprocedure bij een nieuwe werkgever afgewezen. In de procedure bij de kantonrechter vorderde de kinderleidster achterstallig loon en een schadevergoeding. De kinderleidster stelde dat er sprake was van onrechtmatig handelen aan de zijde van het kinderdagverblijf door het Facebookbericht te plaatsen. Het kinderdagverblijf vorderde eveneens schadevergoeding, vanwege bewuste roekeloosheid aan de zijde van de werkneemster.

De kantonrechter oordeelde dat er pas sprake is van bewust roekeloos handelen indien een werknemer zich voorafgaand aan of ten tijde van een incident daadwerkelijk bewust wordt van het roekeloze karakter van zijn gedraging en desondanks bewust het risico heeft aanvaard dat er schade zou kunnen ontstaan. De kantonrechter overweegt dat van een opgeleide en ervaren kinderleidster mag worden verwacht dat deze het afsluitprotocol secuur naloopt, maar dat ook een ervaren en opgeleide kinderleidster bij het verrichten van routinehandelingen fouten kan maken. Van bewuste roekeloosheid is volgens de kantonrechter dan ook geen sprake, waardoor de vordering tot schadevergoeding van de werkgeefster niet kan slagen.

Met betrekking tot het plaatsen van het Facebookbericht overwoog de kantonrechter dat uit de eisen van goed werkgeverschap volgt dat de werkgever zorgvuldig dient om te gaan met het op eigen beweging verspreiden van negatieve informatie over een werknemer. De kantonrechter is van mening dat de werkneemster onvoldoende feiten en omstandigheden heeft aangedragen, waaruit kan worden afgeleid dat de werkneemster als gevolg van de gestelde onrechtmatigheid schade heeft geleden. De kinderleidster had namelijk vrij snel een nieuwe dienstbetrekking, waardoor zij geen inkomensschade heeft geleden.

Hoe het kan dat de kantonrechter in een zaak als deze geen bewuste roekeloosheid aanneemt, terwijl het vaststond dat de kinderleidster wist dat zij diverse controlevoorschriften had na te leven en dat niet naar behoren heeft gedaan, kan vraagtekens oproepen. De kantonrechter geeft aan dat de kinderleidster zich niet daadwerkelijk bewust is geweest van haar onzorgvuldigheid voorafgaand aan of ten tijde van het voorval, laat staan dat zij het risico heeft aanvaard dat als gevolg van een onzorgvuldigheid een kind zou kunnen achterblijven. Dit lijkt lastig te rijmen te zijn met het feit dat de kinderleidster elke dag dezelfde controles moest verrichten met diverse aanwezigheidslijsten in de hand en speciale afsluitprotocollen diende te doorlopen. Duidelijk mag toch zijn dat de kinderleidster weet welke doelen dit dient?

Vragen op het gebied van het arbeidsrecht? Neem contact op met ondergetekende.

Gwenda van den Hoven    
hoven@kochadvocaten.nl                                                                                                                                                                                                                                                                                         hoven@kochadvocaten.nl