Een lege BV achterlaten? Dat kan je persoonlijk duur komen te staan
Veel ondernemers gaan ervan uit dat een BV volledige bescherming biedt tegen persoonlijke aansprakelijkheid. In de meeste gevallen klopt dat ook. Toch zijn er situaties waarin een bestuurder persoonlijk kan worden aangesproken voor schulden van de vennootschap.
Dat kan bijvoorbeeld gebeuren wanneer een schuldeiser door het handelen van een bestuurder geen mogelijkheid meer heeft om zijn vordering te verhalen. In het juridisch jargon wordt dit ook wel verhaalsfrustratie genoemd.
Wanneer loop je risico?
De hoofdregel is dat schuldeisers zich moeten richten tot de BV. Onder bijzondere omstandigheden kan echter ook een bestuurder persoonlijk aansprakelijk zijn. Daarvoor geldt een hoge drempel: de bestuurder moet een persoonlijk ernstig verwijt kunnen worden gemaakt.
Daarvan kan sprake zijn wanneer een bestuurder wist of redelijkerwijs moest begrijpen dat zijn handelen ertoe zou leiden dat een schuldeiser onbetaald zou blijven én geen verhaal meer zou hebben op de vennootschap.
Wat is verhaalsfrustratie?
Van verhaalsfrustratie kan sprake zijn wanneer een bestuurder ervoor zorgt dat een schuldeiser zijn vordering niet of nauwelijks meer kan verhalen op het vermogen van de vennootschap. Dat kan zich bijvoorbeeld voordoen wanneer:
- activa van de onderneming worden verkocht;
- opbrengsten selectief worden gebruikt om bepaalde schuldeisers te betalen;
- vermogensbestanddelen verdwijnen uit de vennootschap;
- een schuldeiser bewust wordt achtergelaten met een lege BV.
Niet iedere selectieve betaling levert verhaalsfrustratie op. Doorslaggevend is of de bestuurder een schuldeiser bewust en onrechtmatig heeft benadeeld, waardoor deze zijn vordering niet kan verhalen op de BV.
Recente rechtspraak
Een recente uitspraak van de rechtbank Rotterdam laat zien hoe dit in de praktijk kan uitpakken. In deze zaak was een vennootschap verwikkeld in een procedure met een schuldeiser. Terwijl die procedure nog liep, werden de activiteiten en goodwill van de onderneming verkocht. De opbrengst werd gebruikt om bepaalde schuldeisers te betalen, terwijl de betreffende schuldeiser onbetaald bleef. Vervolgens werd de vennootschap via een turboliquidatie ontbonden.
De rechtbank vond daarbij van belang dat onvoldoende inzicht was gegeven in de verkoopopbrengst, de verdeling daarvan en de redenen waarom sommige schuldeisers wel en andere niet waren betaald. Ook ontbrak de vereiste transparantie richting de schuldeiser.
Volgens de rechtbank moest de bestuurder er rekening mee houden dat de schuldeiser onbetaald en onverhaalbaar zou achterblijven. Dat leverde een persoonlijk ernstig verwijt op, waardoor de bestuurder persoonlijk aansprakelijk werd gehouden voor de schade.
Wat betekent dit voor bestuurders?
Een BV biedt belangrijke bescherming, maar die bescherming kent grenzen. Verkeert een onderneming in financieel zwaar weer? Wees dan extra zorgvuldig bij het verkopen van activa, het verrichten van betalingen en het informeren van schuldeisers. Juist in die fase loopt een bestuurder extra risico dat hij onder omstandigheden persoonlijk aansprakelijk kan worden gehouden.
Doe je dat niet, dan kan een schuldeiser zich uiteindelijk niet alleen tot de BV wenden, maar ook tot jou als bestuurder.
Altijd op de hoogte blijven? Volg ons op Linkedin!